MS de ziekte
Begrippen
- Cortisone: wanneer dit medicijn gedurende enkele dagen in hoge dosissen toegediend wordt, leidt dit tot een sneller optredend herstel van een
opflakkering.
- Heterogeniciteit: verscheidenheid.
- Interferon bèta: dit is een natuurlijk eiwit, een cytokine, dat via biotechnologische methodes aangemaakt wordt. Bij MS worden zowel
interferon bèta 1a als interferon bèta 1b toegediend. Toediening kan enkel via injecties. Neveneffecten bestaan uit griepachtige
symptomen die doorgaans verminderen naarmate de behandeling verder gezet wordt.
- Immunosuppresiva: geneesmiddelen die het afweer- of immuunstelsel onderdrukken.
- Degeneratieve aandoening: langzaam achteruitgaande aandoening.
- Opflakkering of aanval of exacerbatie: dit is het onverwacht optreden van nieuwe symptomen of een verergering van bestaande symptomen, die minstens
24 uren geduurd hebben, zonder koorts.
- Relapsing remitting MS: in deze fase van MS doen opflakkeringen zich voor en worden zij gevolgd door herstel, dat al dan niet volledig kan zijn.
- Secundair progressieve MS: in deze fase komen het merendeel van de personen na de relapsing remitting fase terecht. Een geleidelijke
ziekteachteruitgang doet zich voor en gaat soms nog gepaard met opflakkeringen. Deze opflakkeringen zijn vaak moeilijker af te lijnen.
- Glatiramer acetaat: is een stof die in ons lichaam niet voorkomt, maar wel enige gelijkenis vertoont met afbraakproducten van myeline.
vorige